|
Geschiedenis De oorsprong van tennis ligt in Frankrijk, waar in de 11de eeuw het kaatsspel Jeu de Paume werd gespeeld. Bij dit kaatsspel, dat nog steeds wordt beoefend, werd een met haar gevulde bal met de palm van de hand geslagen. Het spel werd al snel zeer geliefd bij de adel, die het over heel West-Europa verspreidde. Philips de Schone, landsheer van de Nederlanden, wordt algemeen beschouwd als degene die rond 1500 de bezitter was van het eerste tennisracket. Omstreeks dit jaar liet hij op het Binnenhof, achter de Ridderzaal, een tennisbaan aanleggen. Vele Oranje-prinsen hebben later van deze baan gebruikgemaakt. In Frankrijk was het hoogtepunt toen alweer voorbij en veranderden vele banen in theaters. Rond 1875 introduceerde een Engelse majoor het huidige tennisspel, wat in 1877 leidde tot de allereerste editie van Wimbledon. In Nederland werd het lawn tennis in eerste instantie vooral beoefend in diverse badplaatsen, waar de rijken der aarde zich vermaakten in de chique hotels, het casino en op de tennisbaan. Spelregels De spelregels hebben in de loop der jaren vele wijzigingen gekend. De regels, die majoor Wingfield verzonnen had, werden al ras overboord gekieperd. Met de intrede van het eerste Wimbledon moesten de regels in Engeland geüniformeerd worden. Het was het spelregelcomité van de Marylebone Cricket Club, die deze taak op zich nam. Voor de tennissport lijkt dit een gênant gegeven. Cricketers, die hun wil opleggen aan tennissers, het zou nooit meer voor mogen komen. Maar het is verklaarbaar. Op het terrein van deze cricketclub bevond zich ook een real tennis baan, de eeuwenoude voorloper van lawn tennis. Alle betrokkenen beoefenden al eerder het real tennis. Het was logisch, dat zij vele regels van het real tennis inclusief de telling overnamen. De merkwaardige spelregelvondsten van Wingfield hadden al de nodige irritatie opgeleverd, en iedereen was tevreden met de nieuwe wijzigingen.
Naarmate de sport zich verder ontwikkelde was hernieuwde aanpassing van de regels noodzakelijk. Eerst moesten tijdens de service beide voeten aan de grond blijven. Daarna mocht één voet opgetild worden, als deze maar niet over de lijn zwaaide voor de bal geraakt werd. Deze regel bleef tot aan de tweede wereldoorlog gehandhaafd. Zo waren er vele facetten, die veranderden.
De afmetingen van de bal moesten worden vastgelegd evenals die van het racket. Toen er een nieuwe manier van bespannen geïntroduceerd werd, de zg spaghetti techniek, waarmee een speler als Nastase veel succes had door uitsluitend topspinballen te spelen, volgde er razendsnel weer een nieuw verbod.
Met de verschuiving van amateursport naar professionele sport bleek het ook nodig gedragsregels vast te leggen. Ongeschreven mores werden opzij geschoven door mannen als Connors en McEnroe. Regels werden gemaakt over het gedrag, de rustpauze tussen punten en games. Er is bijna geen situatie meer op een baan te verzinnen of er bestaat een regel voor. Sommigen vinden dit jammer. Die goede oude tijd. Bron: http://www.tennismuseum.nl
|